We moeten het hebben over het niet-meer-dan-anders-principe

Zero Friction ZF Pedia — 18 mei 2026

Het idee is eenvoudig. Warmte mag niet duurder zijn dan het alternatief. En dat alternatief is, historisch gezien, gas. Op het eerste gezicht klinkt dat logisch. Waarom zou een klant meer betalen voor warmte dan voor een klassieke gasketel? Maar zoals zo vaak met eenvoudige principes: de context waarin ze ontstaan zijn, is intussen veranderd. De vraag is dus of het principe zelf is mee geëvolueerd.

Een principe uit een andere energiewereld

Het niet-meer-dan-anders-principe, vaak afgekort tot NMDA, is ontstaan in een tijd waarin gas de vanzelfsprekende norm was.

  • Gas was stabiel geprijsd
  • Breed beschikbaar
  • En voor de meeste huishoudens het logische referentiepunt

Warmte werd gepositioneerd als alternatief. En dus was het logisch om te zeggen: het mag niet duurder zijn dan wat mensen al kennen.

Het creëerde vertrouwen in een jonge markt, waar, toegegeven, soms argwanend naar warmtenetten werd gekeken. Die markt is vandaag fundamenteel veranderd.

Gas is geen stabiele referentie meer

De voorbije jaren hebben duidelijk gemaakt dat gas geen neutrale benchmark is.

Gas is een wereld commodity geworden:

  • gevoelig voor geopolitieke spanningen
  • afhankelijk van internationale handelsstromen
  • en onderhevig aan snelle prijsschommelingen

Wat vroeger een stabiele referentie was, is vandaag een volatiele factor. En toch blijft het, impliciet of expliciet, de maatstaf voor warmteprijzen.

Wat dat betekent in de praktijk

Voor warmteleveranciers creëert dat een bijzondere situatie. Zelfs wanneer warmte lokaal en duurzaam wordt geproduceerd:

  • uit restwarmte
  • via warmtepompen
  • of uit andere hernieuwbare bronnen

… blijft de prijs vaak gekoppeld aan gas.

Dat leidt tot een paradox die steeds zichtbaarder wordt:

  • Wanneer gasprijzen stijgen door geopolitiek, stijgen warmtetarieven mee.
  • Wanneer gasprijzen dalen, moeten ze ook mee naar beneden.

De logica van de prijs staat los van de logica van de productie.

De verborgen impact op de sector

Op korte termijn lijkt NMDA een beschermingsmechanisme.

Maar op langere termijn heeft het ook minder zichtbare effecten.

Het beĂŻnvloedt:

  • hoe projecten financieel worden opgebouwd
  • hoe risico’s worden ingeschat
  • en hoe investeringen in duurzame warmte worden gevalideerd

Want als je prijs uiteindelijk toch gekoppeld blijft aan gas, hoeveel ruimte is er dan om je echt los te maken van dat systeem?

Nederland, België en daarbuiten

In Nederland is die koppeling expliciet gemaakt via regulering. Het niet-meer-dan-anders-principe heeft daar jarenlang de basis gevormd voor warmtetarieven, en zelfs met de evolutie naar nieuwe regelgeving blijft die erfenis voelbaar.

In België bestaat die formele koppeling niet. Tarieven zijn er vaak contractueel bepaald, project per project.

Maar ook daar duikt gas op als referentie:

  • in business cases
  • in indexatieformules
  • in hoe prijzen worden geĂ«valueerd

Hetzelfde geldt in veel andere Europese markten.

De vorm verschilt, maar de logica is opvallend consistent.

Een ongemakkelijke vraag

Misschien is het moment gekomen om een eenvoudige vraag te stellen:

Is gas nog de juiste referentie voor warmte?

Niet alleen economisch, maar ook maatschappelijk.

Warmtenetten worden net ontwikkeld om:

  • minder afhankelijk te zijn van fossiele brandstoffen
  • lokale energie te benutten
  • en stabiliteit te brengen in het energiesysteem

Maar zolang de prijs gekoppeld blijft aan gas, blijft ook de volatiliteit.

Van bescherming naar beperking?

Wat ooit bedoeld was als bescherming voor de consument, begint stilaan ook als een beperking te werken voor de sector.

Een prijsmechanisme dat volledig leunt op een externe referentie:

  • maakt je afhankelijk van factoren buiten je controle
  • bemoeilijkt voorspelbaarheid
  • en vertroebelt de link tussen kost en prijs

Voor leveranciers wordt het daardoor moeilijker om:

  • consistente tariefmodellen te bouwen
  • duidelijke communicatie te voeren
  • en lange termijn stabiliteit te bieden

Wat komt er in de plaats?

Dat is misschien de moeilijkste vraag.

Want NMDA loslaten zonder alternatief is geen optie.

Maar het opent wel de deur naar andere manieren van denken:

  • kosten-gebaseerde modellen
  • meer transparante opbouw van tarieven
  • een duidelijkere scheiding tussen infrastructuur en energiecomponent
  • en vooral: een eerlijkere koppeling tussen wat je doet en wat je aanrekent

Conclusie

Het niet-meer-dan-anders-principe heeft zijn rol gespeeld. Het heeft vertrouwen gecreëerd in een sector die nog moest groeien.

Maar vandaag zitten we in een andere realiteit. Eén waarin energieprijzen volatiel zijn. Waar geopolitiek doorwerkt tot op lokaal niveau. En waar warmte net bedoeld is als stabiel alternatief.

Misschien is het daarom tijd om het principe opnieuw te bekijken. Niet omdat het verkeerd was. Maar omdat de vraag veranderd is. En misschien moeten we die vraag vandaag zo stellen:

Als warmte de toekomst is, waarom blijft gas dan het referentiepunt van het verleden?

Meer weten over dit onderwerp? Kom zeker langs op onze stand op het Nationaal Warmtecongres. We denken graag met je mee.

Bron: https://www.zerofriction.co/nl/zf-pedia/we-moeten-het-hebben-over-het-niet-meer-dan-anders-principe

Meer Blogs

We moeten het hebben over het niet-meer-dan-anders-principe
BAK-kosten bij warmtenetten (NL): hoe warmteleveranciers ze strategisch inzetten
Energiebeelden geven richting aan het energiesysteem – marktkennis maakt ze uitvoerbaar

Altijd op de hoogte blijven?

Ontvang exclusieve tips en trends direct in je inbox.

Zoeken

Kennishub