Rond 1800 bouwde Alessandro Volta een van de eerste moderne batterijen. Sindsdien is er veel veranderd, maar de kernvraag bleef hetzelfde: hoe bewaren we energie tot we die nodig hebben?
Op die vraag bestaat niet één antwoord. Soms gaat het om seconden, voor netstabiliteit. Soms om een paar uur, om zonnestroom naar de avond te verschuiven. Windstille dagen vragen om tientallen uren. En seizoensopslag vraagt weer om iets heel anders.
Batterijopslag groeit wereldwijd hard. Volgens het IEA kwam er in 2025 zo’n 108 GW aan nieuw batterijvermogen bij ongeveer 40 procent meer dan het jaar ervoor. Eind 2025 stond er wereldwijd elf keer zoveel batterijvermogen als in 2021.
Die groei draait vooral op lithium-ion. Voor stationaire opslag is LFP (lithium-ijzerfosfaat) dominant: relatief goedkoop, thermisch stabiel en geschikt voor veel laadcycli.
Lithium-ion won dus niet omdat het voor elke toepassing de ideale batterij is, maar omdat techniek, schaal en massaproductie op het juiste moment samenkwamen.
Omdat de afweging verandert zodra opslag langer moet duren of grondstoffen zwaarder gaan wegen.
Natrium-ion vervangt lithium door natrium. De energiedichtheid is lager, maar natrium is veel ruimer beschikbaar. Voor stationaire opslag kan dat aantrekkelijk zijn: daar telt gewicht meestal minder zwaar.
Andere bedrijven zoeken het juist in méér energie per batterij. LeydenJar werkt met siliciumanodes, LionVolt met lithium-metaal. Interessant vooral waar gewicht en ruimte schaars zijn.
Zo ontstaan grofweg twee richtingen: batterijen die meer energie in minder materiaal stoppen, en batterijen die goedkoper en minder grondstofafhankelijk worden.
Voor langere opslag komen andere technologieën in beeld. Een flowbatterij slaat energie op in vloeistoffen in externe tanks. Het Nederlandse Elestor ontwikkelt een waterstof-ijzerflowbatterij; Aquabattery gebruikt water en zout als basis. Ore Energy gaat nog een stap verder met een iron-airbatterij. Daarin reageert ijzer met zuurstof tot ijzeroxide, en tijdens het laden wordt dat proces omgekeerd. Het systeem mikt op opslag tot ongeveer 100 uur. Hier verschuift de businesscase. Een batterij voor honderd uur hoeft niet compact te zijn. Wat telt, is dat de opslagcapaciteit goedkoop genoeg is ook als het systeem maar beperkt wordt ingezet.
Niet alle energie hoeft weer elektriciteit te worden. Veel energie gebruiken we als warmte en juist dan is warmte opslaan efficiënter dan de omweg via stroom.
Newton Energy Solutions ontwikkelt bijvoorbeeld een warmtebatterij die energie opslaat in heet water. Energiedamwanden halen warmte uit de bodem en het oppervlaktewater. Beide bewaren warmte voor langere tijd, zodat je die later kunt gebruiken.
Voor nóg langere perioden komt waterstof in beeld. Elektriciteit wordt dan via elektrolyse omgezet in waterstof, die later dienst doet als grondstof, brandstof of opnieuw als bron van energie.
Waterstof vult zo aan waar batterijen tekortschieten: bij opslag over weken, bij grote duurzame overschotten, en bij industrie die waterstof toch al nodig heeft.
Langdurige opslag gaat dus niet alleen over batterijen. Soms slaan we energie op als warmte, soms als molecuul.
Energieopslag lijkt steeds minder op een race naar de ultieme batterij.
LFP is sterk voor korte en frequente opslag. Natrium-ion kan grondstoffenrisico’s verkleinen. Silicium en lithium-metaal proberen meer energie in minder ruimte te krijgen. Flow- en iron-airbatterijen richten zich op tientallen tot honderden uren. Warmteopslag kan energie over veel langere perioden verschuiven. Waterstof wordt relevanter wanneer opslag van dagen naar weken gaat.
En innovatie zit niet alleen in nieuwe chemie. Het Nederlandse Accu’t bouwt mobiele opslagsystemen met gebruikte batterijen uit elektrische voertuigen. Dat is een route op zich: bestaande batterijen langer en slimmer gebruiken in plaats van steeds nieuwe produceren.
De belangrijkste vraag is daarom niet welke batterij wint, maar: voor welk probleem is welke vorm van opslag de beste oplossing?
Altijd op de hoogte blijven?
Ontvang exclusieve tips en trends direct in je inbox.